Het verhaal van de Orgelzolders

In 2006 wordt in de Breepleinkerk in Rotterdam-Zuid een bijzondere ontdekking gedaan. Verborgen schuin boven het imposante orgel blijken onderduikruimten te zijn waar in de Tweede Wereldoorlog zeven joodse mensen verborgen zaten. De bewijzen liggen nog op de houten vloer: verpakkingen van etenswaren, snoeppapiertjes, lucifers, kledingstukken, een blikje met kooltjes, een klein gebroken lampje…

Wie waren deze mensen en wie waren hun helpers? Hoe was het om bijna drie jaar lang te moeten overleven op een koude, donkere zolder en wat dreef de helpers om hun eigen leven in de waagschaal te leggen voor deze gezinnen?

Rebecca en Maurice

In 1942 worden uit het bezette Nederland steeds meer Joden weggevoerd naar Duitsland. De meesten worden in de gaskamers vermoord. De 17-jarige Rebecca Andriesse en haar 25-jarige verloofde Maurice Kool denken dat ze bij elkaar kunnen blijven als ze getrouwd zijn, en daarom doen ze dat zo snel mogelijk. De opa van Rebecca zorgt ervoor dat ze kunnen onderduiken in de Breepleinkerk. Koster Jacobus de Mars maakt naast het orgel, op de zolder, een schuilplaats die te bereiken is via een laddertje en een ‘onzichtbaar’ luik. Rebecca’s grootvader en heel veel familieleden slagen er niet in voor zichzelf een veilige schuilplaats te vinden. Ze worden naar Duitsland gedeporteerd en keren nooit meer terug.

Trouwfoto Rebecca en Maurice

Meijer en Ida

Meijer en Ida Kool, de ouders van Maurice, hebben een stoffenwinkel aan de Beijerlandselaan in Rotterdam. Omdat ze – als joden – geen zaken meer mogen doen, besluiten ze ook onder te duiken. Na een vergeefse poging elders, belanden zij ook op de orgelzolder. Overdag zijn de onderduikers soms beneden, maar de meeste tijd brengen zij door op de zolders, waar het in de winter heel koud is en in de zomer ondraaglijk heet.

Chaim en Fifi

Een half jaar na de komst van Meijer en Ida worden in de zolderruimte aan de andere kant van het orgel nog twee mensen ondergebracht: het apothekersechtpaar Chaim en Fifi de Zoete. Hun drie dochters zijn ondergebracht op andere adressen. Hadassah, een van de meisjes, zit ondergedoken bij de familie Van der Leer die elke zondag de dienst in de Breepleinkerk bijwoont. Het domineesgezin Brillenburg Wurth maakt het mogelijk dat Fifi en Chaim hun dochter ─ zonder dat zij dit in de gaten heeft ─ na de dienst kunnen zien. Zo blijven zij hopen op een hereniging, ooit.

Chaim en Fifi foto uit 1927

Voldoende eten en… een baby

Dankzij het Rotterdamse verzet is er voldoende eten voor alle mensen in de schuilplaats en ook voor de mensen die hen helpen te overleven. Rebecca raakt zwanger en begin januari 1944 bevalt ze van een zoon. De Surinaamse oogarts dr. Leo Lashley, de domineesvrouw Gerda Brillenburg Wurth en verpleegster Riet Dekkers assisteren bij de bevalling. Het jongetje wordt vernoemd naar zijn opa en de koster, en krijgt als roepnaam Emile. Voor ieders veiligheid blijft de baby het overgrote deel van de tijd in de kosterswoning waar zijn moeder zo vaak als mogelijk bij hem is.

Overleefd!

Annie, de dochter van de koster, komt na de grote razzia van 10 en 11 november 1944 samen met haar man en hun zeven maanden oude baby inwonen bij haar ouders als dekmantel voor de kleine Emile. Als de buren nu een baby horen huilen of kraaien van plezier is dat een normaal geluid; niet iets om je over te verwonderen.
Op 14 april 1945 vindt er een grote overval plaats waarbij de koster wordt opgepakt en dreigen de onderduikers alsnog ontdekt te worden. ‘Al slaan ze mijn man dood, hij zal jullie nooit verraden’, spreekt zijn vrouw vastberaden; en dat doet hij ook niet. Drie weken later is Nederland bevrijd en zijn alle onderduikers veilig… iedereen heeft het overleefd.
Het verhaal van de orgelzolders is een verhaal vol wonderen en toevalligheden, moed en hoop, een verhaal met een gelukkige afloop.

Droom & Daad

Geïnspireerd door het verhaal van de onderduikers in de Breepleinkerk, schreef burgemeester Ahmed Aboutaleb in 2015 het essay Droom & Daad. Hij deed dat ter gelegenheid van de maand van de geschiedenis. In het essay breekt hij een lans voor vertrouwen en tolerantie. Zo schrijft hij: “Zaken als doorzettingsvermogen, discipline en heldenmoed zijn ervoor nodig. Maar ook tolerantie en vertrouwen in anderen. Anderen zijn nodig, want alleen kunnen we het niet.” Het boekje verscheen op 1 oktober 2015 en kost € 7,50. De opbrengst is volledig bestemd voor de realisering van het museum over de Orgelzolders. Het boekje is te koop na afloop van een rondleiding. Maar zo lang als de kerkdeuren gesloten moeten blijven, kunnen er geen rondleidingen plaatsvinden.

Boek Ahmed Aaboutaleb droom en daad

Wie weet nog iets over die tijd?

Sinds de ontdekking van de orgelzolders blijft de gelijknamige stichting zoeken naar de verhalen. Wat is er gebeurd en wie wisten er allemaal van? Want duidelijk is inmiddels wel dat de onderduikers meer helpers hebben gehad dan nu bekend is. Meer mensen moeten er vanaf geweten hebben. Weet u nog iets uit die tijd, heeft u relevante oude foto’s of gebruiksvoorwerpen, of kent u iemand die hierover zou willen vertellen? Neem dan contact met ons op. Uw hulp wordt zeer op prijs gesteld.